Rattenjager als beroep

Door Jos Kruis van Ratslag (6 april 2021)

Ik krijg vaak de vraag of je van rattenjagen je beroep kunt maken. Zeker nadat mensen mijn soms wel wat geromantiseerde blog’s hebben gelezen. Het antwoord daarop is niet met een eenvoudig Ja of Nee te beantwoorden.

Ja, voor mij is het een beroep geworden. Ik ben ZZP’er, ben ingeschreven bij de KvK, heb mijn ontheffingen en ik heb een klantenkring. Dan moet ik er ook bij vertellen dat ik bij de belastingdienst in de Kleine Ondernemers Regeling (KOR) val. Dat zegt denk ik al genoeg over de verdiensten.

Nee, rattenjagen is beperkt tot werken na zonsondergang. In de wintermaanden heb je per nacht voldoende uren om twee klanten te bedienen. Maar, dan nog zijn dat maximaal vijf uren (van 20:00 – 1:00 uur) per nacht. In de zomermaanden kun je niet voor 22:00 uur beginnen en is het aantal werkbare uren verder beperkt.

Nachtdienst: Je zou natuurlijk van zonsondergang tot zonsopkomst kunnen werken, maar dan zet je je leven wel op zijn kop. Bovendien is mijn ervaring dat je op één locatie maar een beperkte tijd (2 tot 3 uur) actief kunt zijn. Ik bedoel, dat ratten naar een paar ronden echt wel in de gaten hebben dat hun leven gevaar loopt en dan zie je ze niet meer.

Ik probeer te voorkomen dat mijn dag/nachtritme verstoord raakt door uiterlijk om 1:00 uur te stoppen en dan ben je na het opzoeken van de ratten en het opruimen van spullen niet voor 2:00 uur klaar. Als ik ver van huis ben slaap ik in mijn camper en rijd de volgende morgen naar huis. Omdat ik in loop van de jaren mijn leven heb ingericht op dit werk kan ik in de beschikbare uren een redelijk uurloon van zo’n €30,- bereiken. Maar, daarmee is het nog geen volledig inkomen.

De markt voor rattenjagers

Buitenlui: Nu het rattenjagen wat meer bekendheid krijgt, zie je dat er zich meer klanten melden. De groei zit vooral in de particuliere sector. Ik noem ze buitenlui. Mensen die een flink huis of voormalige boerderij bewonen met een flink stuk grond eromheen. Vaak hebben ze kippen, paarden, honden en geiten of varkentjes. Deze mensen hebben al van alles geprobeerd om de rattenpopulatie in toom te houden. Meestal zijn deze mensen tegen het gebruik van gif, waardoor zij afwijzend staan tegenover reguliere ongediertebestrijders.

Ratten horen in de natuur!

De buitenlui staan relatief open voor een rattenjager en ik kan daar over het algemeen prima aan de slag. In deze categorie is er vaak sprake van mensen die al overstuur zijn bij een koppeltje ratten in de slootkant. Als ik daar aan het werk moet, dan besteed ik relatief veel tijd aan een beperkte rattenpopulatie. Meestal heb ik bij de verkenning al door dat er weinig ratten zijn, die wel veel onrust veroorzaken. Ik ga dan het gesprek aan en spreek af dat ik begin met het in kaart brengen van de populatie en daarna begin met afschieten. Meestal heb ik dan na één avond de veroorzakers van de onrust wel te pakken. Vervolgens besteed ik op de tweede avond tijd aan het (therapeutische) gesprek om mensen te doen inzien dat ratten in de natuur horen en dus ook op het erf komen, zonder dat dit meteen een probleem is. Ook dan heb ik een tevreden klant die reclame voor me maakt en belt als er echt een probleem met ratten is. In deze situatie worden meestal weinig ratten afgeschoten en bereken ik een uurloon voor mijn inzet.

foto Bram Petraeus

Boeren: De andere categorie klanten zijn de agrariërs. Deze zijn goed bekend met rattenbestrijding en weten precies wat wel en niet werkt. Het plaatsen van lokdozen met klemmen of gif nabij een maiskuil en de voergangen heeft geen enkel effect. De boeren hebben geen vertrouwen in reguliere ongediertebestrijders, omdat deze binnen de bestaande Wet en regelgeving geen resultaten kunnen realiseren. Goede uitzonderingen daargelaten grijpen vooral de melkveehouders relatief snel naar grote hoeveelheden gif in plastic buizen, die (verdekt opgesteld) over het erf verspreid liggen. Met het toenemende bewustzijn van de schadelijke gevolgen en de toenemende kans op handhaving komt de rattenjager in beeld. Maar niet voordat de boer (of de zoon) zelf geprobeerd heeft om met met veelal verkeerde spullen de ratten af te schieten. Als ze met schade en schande ontdekken dat het niet lukt en merken hoeveel tijd het kost gooien ze de luchtbuks aan de kant.

De melkveehouders zijn daarom sceptisch over de effectiviteit van de rattenjager. Mijn ervaring is dat uiteindelijk de boerin mij belt. Die wordt gek van de ratten bij het voeren van de kalveren, terwijl de boer heeft geleerd om de ratten te negeren. Bij de kennismaking tref ik vaak een terughoudende boer aan, die pas overtuigd raakt nadat ik hem de eerste 20 dikke volgevreten ratten presenteer. Pas dan is het ijs gebroken en komt de dialoog op gang. De meeste boeren laten zich door mij overhalen om te stoppen met gif en te beginnen met weren en opruimen. Ik help dan zelf ook mee door de rattenpopulatie in kaart te brengen en de burchten en schuilplaatsen aan te wijzen. Meestal heb ik hier veel te doen en is het aantal ratten in aanvang hoog. In dergelijke situaties bereken een tarief per afgeschoten rat.

Is het dan ook een beroep?

Ik denk van wel, omdat het rattenjagen een specialisme is, waarvoor veel inspanning nodig is om de kennis, kunde en ervaring te verwerven. In die zin is rattenjagen wel degelijk een professie. Maar, net als een bekwame jager in het veld hoeft dat niet te betekenen dat het een inkomen kan zijn. Jagers zijn uiteindelijk hobbyisten die veel geld hebben besteed aan het behalen van de jachtakte, kopen van wapens en het verkrijgen van de permissies. Dat kost dus alleen maar geld.

De rattenjager vanuit het perspectief van de ongediertebestrijders is een specialist die het afschieten van ratten combineert met andere methoden. Hij kan overdag wespennesten opruimen en dan ‘s-avonds nog ratten gaan jagen. Als dan blijkt hoe arbeidsintensief rattenjagen is, wordt de methode snel losgelaten. De ongediertebestrijder zet dan liever gif neer en is ‘s-avonds graag thuis bij zijn gezin. Ik word wel eens gevraagd om reguliere ongediertebestrijders op weg te helpen. Mijn ervaring is dat, als de ongediertebestrijder er een hobby in ziet, dan lukt dat nog wel. Maar dan nog, wordt deze methode vooral gebruikt om een rattenpopulatie open te breken, zodat hij er met de normale bestrijding weer vat op krijgt. Een rattenjager kan de alfa-ratten eruit schieten, zodat de jongen en jong volwassen dieren weer in vallen gaan lopen en van het gif gaan eten.

Ecologische rattenjagers

Andor van der Ploeg met zijn fretjes

Als je een beroep maakt van het ecologisch rattenbestrijden dan hoef je je niet te bekwamen in het gebruik van rattengif. Je hoeft je dan ook niet te certificeren voor IPM. Je kunt besluiten om je bij het bestrijden van ratten te beperken tot inloopvallen, klemmen, honden in combinatie met een rookmachine of fretjes en het rattenjagen.

Ik ken bestrijders die hiermee een inkomen kunnen verdienen, omdat je er dan de hele dag mee bezig kunt zijn. Ik ben ervan overtuigd dat deze manier van ratten bestrijden een toekomst heeft als het gebruik van gif verder aan banden wordt gelegd. Ik denk dat de ecologische rattenbestrijder al aan zijn opmars begonnen is.

Conclusie

Een rattenjager zoals ik dat ben is niet veel meer dan een hobbyist. Dat geldt ook voor de rattenjagers met een jachtakte. Zij zijn min of meer verplicht om ook de ratten te bestrijden op hun permissies. Dat is dan liefdewerk.

Professionele ongediertebestrijders kunnen in de huidige praktijk een rattenjager inzetten om de bestrijding met vallen en gif weer opgang te brengen. Zij moeten er rekening mee houden dat rattenbestrijden langzaam maar zeker het domein gaat worden van ecologische rattenjager die helemaal geen rattengif meer nodig heeft.

De ecologische rattenjager heeft de toekomst en hij kan met zijn specialistische aanpak met verschillende ecologische bestrijdingsmethodes een prima boterham verdienen.