Werkwijze

Bange ratten gaan weg

Volwassen ratten worden in en om de stallen met een fluisterstil precisiewapen (op perslucht) met nachtzicht-apparatuur afgeschoten. Ze worden tussen de koeien, varkens en kippen nauwkeurig op de korrel genomen. Overgebleven (verweesde) jonge ratjes zijn hapjes voor roofdieren die, immers ook hun jongen moeten grootbrengen.

In achtertuinen in de stad zijn weinig roofdieren en daar worden ook de jonge ratten afgeschoten of met rattevallen aangepakt. Jonge ratjes lopen sneller in de val als ze verweesd zijn.

Ik kom in aanvang één avond in de week. Daarna als de rattenplaag bezworen en populatie beheersbaar is gaat de interval omhoog of stopt het jagen. Bij boerderijen is het belangrijk om eens per 3 a 4 weken te controleren hoe de populatie zich ontwikkelt.

Een rattenjager gebruikt geen gif en streeft naar balans op het erf. Door het voorkomen van door-vergiftiging van roofdieren (uilen, wezels, honden en katten) kunnen deze meehelpen bij het beperkt houden van het aantal ratten en muizen. Als de volwassen ratten worden afgeschoten zijn de jonge ratjes gemakkelijke prooien voor uilen en katten. Een nestkast met een koppel kerkuilen met jongen is goed voor zo’n 40 muizen en ratjes per nacht. Daarmee wordt de natuurlijke balans hersteld en worden bij melkveehouders, varkenshouders, pluimveebedrijven en particulieren ratten- en muizenplagen voorkomen.

De rattenjager kan helpen bij het plaatsen van nestkasten voor kerkuilen.